• Geschiedenis Lanzarote


    Oorsprong van Lanzarote

    Ongeveer drieduizend jaar geleden zijn de Canarische eilanden ontdekt door de Feniciërs en de Carthagers. Lanzarote is rond 1312 ontdekt door Lancelotti Malocello, waarnaar het eiland is vernoemd. In 1402 veroverde de Normandiër Jean de Béthencourt Lanzarote voor de Castiliaanse kroon en krijgt daardoor de titel ‘koning van de Canarische Eilanden’.

    De Majo’s, de oorspronkelijke bevolking, komen in opstand, maar de Béthencourt drukt de opstand in met behulp van zijn stadhouder Gadifer de la Salle. In 1414 schenkt De Béthencourt de Canarische Eilanden aan de Iberische graaf van Niebla. Deze heeft niet de werkelijke macht, die is in handen van Maciot, een neef van De Béthencourt. Vanaf 1440 werden de Canarische Eilanden bestuurd door de Peraza’s op hardhandige manier. Er waren in deze periode dan ook vele opstanden.

    In de periode 1433-1479 voeren de Spanjaarden en de Portugezen strijd om de Canarische Eilanden. In 1479 werd de archipel in het Verdrag van Alcáçovas toegekend aan Spanje.

    In de 16e en 17e eeuw bloeide op Lanzarote de slavenhandel, maar Berbers en Algerijnse piraten plunderen regelmatig de steden Arrecife en Teguise, de hoofdstad van het eiland. Honderden bewoners van het eiland werden ontvoerd door de piraten.

    Van 1730 tot 1736 vernietigen vulkaanuitbarstingen het zuiden van Lanzarote. Er ontstaat hongersnood waardoor een groot gedeelte van de bevolking naar Latijns-Amerika emigreerde. Hierdoor loopt het aantal inwoners van Lanzarote dramatisch terug tot maar 300 personen. Tijdens de regering van Carlos III bloeide de economie op.

    In 1852 wordt Arrecife uitgeroepen tot nieuwe hoofdstad en de hele Canarische archipel werd uitgeroepen tot vrijhandelszone. Lanzarote wordt samen met Gran Canaria en Fuerteventura samengevoegd in 1927 en vormen vanaf die tijd de Spaanse provincie Gran Canaria.

    Ontwikkeling Lanzarote

    Vanaf 1960 neemt het toerisme toe en vervangt in snel tempo de landbouw als belangrijkste bron van bestaan. Het toerisme komt nog meer tot bloei na de dood van generaal Franco in 1975, want toen kwam er meer politieke openheid.

    Het toerisme op Lanzarote ontwikkelde zich anders dan op de andere Canarische Eilanden. Het toerisme bloeide namelijk op met respect voor landschap, cultuur en tradities, mede dankzij César Manrique. Dankzij hem is Lanzarote niet bedorven door de grote toestroom van toeristen. Hij heeft ervoor gezorgd dat het niet toegestaan is om hoog te bouwen, maar alleen laagbouw is toegestaan op Lanzarote. Je vindt er dus geen massa toerismecomplexen. Zo is de relatie tussen mens en natuur bewaard gebleven op Lanzarote. Hij heeft in samenwerking met de natuur mooie plekken ontworpen zoals Los Jameos del Agua en Mirador del Rio. Ook is hij verantwoordelijk voor de traditionele witte laagbouw die je kunt vinden in vele dorpjes.

    In 1982 kregen de Canarische Eilanden met nog een aantal andere Spaanse provincies een autonome status en in 1986 behield de eilandengroep, ondanks de toetreding tot de Europese Unie, haar aparte status als vrijhandelszone.
    In 1993 werd Lanzarote door de UNESCO tot biosfeerreservaat uitgeroepen. In 2000 worden er voor het eerst meer dan 1,5 miljoen toeristen geteld op Lanzarote.