• Geschiedenis La Palma


    Oorsprong van La Palma

    Teneguía VulkaanDe eerste bewoners van La Palma waren de Benahorieten en noemden dit eiland Benahoare. De laatste inheemse koning van La Palma, Tanausu probeerde La Palma te beschermen tegen de Spanjaarden, maar werd gevangen genomen. In 1493 werd La Palma veroverd door Alonso Fernández de Lugo. Ook stichtte hij de haven Santa Cruz de La Palma. De Lugo werd gouverneur op La Palma en kreeg daarmee ook de beste landerijen in het vruchtbare Aridane-dal. Hij startte met de verbouw van suikerriet en liet slaven het werk doen. In de 16e eeuw werden de Canarische Eilanden een belangrijke exporteur van suiker, dat verbouwd werd op grote suikerrietplantages. De suikerindustrie stortte echter in door de goedkope suiker uit Zuid-Amerika.

    Rond 1550 begon de bloeiperiode van de wijnbouw, La Palma exporteerde zelfs wijn naar Nederland en Frankrijk. La Palma was economisch gezien het belangrijkste eiland en alle schepen van- en naar de Nieuwe Wereld gebruikten dit eiland als halte op de route. De hoofdstad Santa Cruz de La Palma werd een van de belangrijkste havens, na de havens van Antwerpen en Sevilla. Door deze groeiende welvaart werd La Palma in de 16e eeuw ook veel aangevallen door zeerovers. De Fransman Le Clerc overviel de hoofdstad en legde haar in de as. In 1585 probeerden Engelse piraten tevergeefs de hoofdstad van La Palma te bezetten.

    De 18e eeuw bracht langdurige periodes van droogte en hongersnoden die een einde maakten aan de wijnbouw en zorgde voor een grote emigratiegolf naar Venezuela en Cuba. In de 19e eeuw bloeide de economie van La Palma op door de bananenplantages, rietsuikerbouw en de teelt van cochenille; een luis die een rode kleurstof produceert. Ver in de 20e eeuw breidde de bananenteelt zich zo ver uit dat dit tegenwoordig de belangrijkste grondslag van de economie van het eiland vormt.

    Ontwikkeling van La Palma

    Vanaf 1970 neemt het toerisme toe en is naast de landbouw de belangrijkste bron van bestaan. Na de dood van generaal Franco in 1975 kwam er meer politieke openheid en democratie, en het toerisme beleefde een flinke opleving.

    In augustus 1982 kregen de Canarische Eilanden met nog een aantal andere Spaanse provincies een autonome status, en in 1986 behield de eilandengroep, ondanks de toetreding tot de Europese Unie, haar aparte status als vrijhandelszone. De status van hoofdstad werd verdeeld tussen Santa Cruz op Tenerife en Las Palmas op Gran Canaria.

    In 1985 werd het Internationaal Astrofysisch Observatorium op de Roque de los Muchachos geopend. Dit is een internationale sterrenwacht waar Nederland samen met het Verenigd Koninkrijk twee optische telescopen beheert. De grootste spiegeltelescoop ter wereld, de Gran Telescopio Canarias (GTC of GranTeCan genoemd) bevindt zich hier ook.

    De eerste luchthaven van La Palma bij Breña Alta ontstond in 1950. De landingsbaan werd in 1970 buiten gebruik gesteld, nadat er aan de kust bij Mazo, zuidelijk van Santa Cruz de la Palma, een nieuw vliegveld was gebouwd. Sinds 1987 is dit het zesde internationale vliegveld van de Canarische Eilanden. Van de luchthaven Santa Cruz de La Palma zijn er lijnverbindingen naar de buureilanden en de Spaanse hoofdstad Madrid. Ook landen er meerdere malen per week Europese chartervluchten.

    De Canarische eilanden halen op dit moment hun inkomsten voor ongeveer 80% uit het massatoerisme. Toch bestaat de economie van La Palma, een van de kleinere eilanden, nog altijd op de landbouw en visserij. In 2000 kwam het aantal buitenlandse toeristen op La Palma voor het eerst uit boven de 150.000, waarvan 80% uit Duitsland.